Home » Models » Logische niveaus – overtuigingen – identiteit

Logische niveaus – overtuigingen – identiteit

Niveau

Vragen

zingeving (of spiritualiteit) Waartoe?
Wat is mijn missie?
identiteit Wie?
Wie ben ik?
waarden en overtuigingen Waarom?
Met welke bedoeling?
Wat is belangrijk voor mij?
Waar ben ik bereid tijd, geld en energie in te steken?
vaardigheden Wat kan ik?
Hoe doe ik het?
gedrag Wat?
Wat doe ik?
omgeving Waar?
Wanneer?

Veranderingen op een lager niveau kunnen leiden tot een verandering op een hoger niveau. Veranderingen op een hoger niveau zullen altijd leiden tot veranderingen op een lager niveau.

​Het model gaat ervan uit dat zaken van een niveau doorwerken op de onderliggende niveaus (zowel bekrachtigend als beperkend). Een verandering op het niveau “overtuigingen” resulteert in veranderingen op de 3 onderliggende niveaus, terwijl een verandering op het niveau van “gedrag” alleen resulteert in veranderingen op het niveau “omgeving”.​

Voorbeeld

Als je als overtuiging hebt “ik word niet gewaardeerd” zal dit automatisch zijn weerslag hebben op je vaardigheden, je gedrag en hoe je op je omgeving reageert.

Hoe hoger het niveau waarop de verandering plaatsvindt, des te krachtiger en duurzamer is het effect. Dit model bevestigt de ervaringen dat ongewenst gedrag niet verdwijnt als je alleen de omgeving (andere baan, andere partner, ander huis et cetera) verandert. Na verloop van tijd zal ook in een andere omgeving hetzelfde gedragspatroon weer zichtbaar zijn.​

logische_niveaus

Kessels-Smit:

Overtuigingen:

Overtuigingen
 zijn
 essentiële
 oordelen 
over onszelf,
 anderen 
en 
de
wereld
 om
 ons
 heen.

Overtuigingen
 bepalen
 hoe
 betekenis
 wordt
 gegeven
 aan
 gebeurtenissen,
 en
 ze
 zitten
 in
 de
 kern
 van
 iemands
 motivatie.
 Onze
 overtuigingen
 en
 waarden
 (identiteit)
 zorgen
 voor
 de
 bekrachtiging 
(motivatie 
en
 permissie)
die bepaalde
 vermogens
 en
 gedragingen
 ondersteunen
 of afremmen.
“Ik
 zal
nooit 
succes
 hebben 
omdat
 ik
 nu 
eenmaal
 langzaam
 leer”,
 en
 “Achter 
elk
gedrag
 zit
 een
 positieve
 intentie”,
 zijn
 beide
 weergaven
 van
 overtuigingen.
 Overtuigingen
 uiten
 zich
 in 
een
 herkenbaar
 patroon
 dat
 in
 verschillende
 situaties
 optreedt.
 Belemmerende
 overtuigingen
 kunnen
 verhinderen
 dat
 bestaande
 vermogens
 en
 vaardigheden
 worden 
ingezet.

Overtuigingen
 functioneren
 op
 een
 ander
 niveau
 dan
 gedrag
 en
 waarneming
 en
 ze
 beïnvloeden
 onze
 ervaring
 en
 interpretatie
 van
 de
 werkelijkheid
 door
 onze
 ervaringen
 te
 verbinden
 met
 onze
 waarden (systemen).
 De 
manier
 waar op een
 situatie, 
activiteit 
of 
idee 
past 
(of 
niet
past) 
bij
 de 
overtuigingen 
en 
de
 waarden systemen
 van 
een 
individu
 zal 
bepalen
 hoe 
deze
 wordt 
ervaren 
en
 opgeslagen.

Identiteit:

Op
 identiteitsniveau
 worden 
waarden 
en 
drijfveren benoemd.
 Het
 gaat 
hier
om
 de
 diepere
 persoonlijke
 dimensie
 van
 waaruit
 mensen
 werken
 en
 leven.
 De
 verbinding
 met
 de
 eigen
 kracht
 en
 kern
 staat
 daarbij
 centraal
. Waarden 
en 
overtuigingen 
zijn
 sterk
 verbonden met 
elkaar.

Zo
 is
 de
 overtuiging:
 “mensen
 die
 stelen
 zijn
 slechte
 mensen”
 verbonden
 met
 de
 waarde
 eerlijkheid.
 De
 waarde
 is
 dan
 de
 meetlat,
 en
 de
 overtuiging
 de
 norm
 (het
 streepje)
 op
 de
 meetlat.
 Uit overtuigingen komen dan ook (ver)oordelingen van anderen voort.

Op
 identiteitsniveau
 exploreert
 iemand
 persoonlijke
 zingevingsvragen.
Waarom
 ben 
ik
 hier
 zo
 uitgeblust,
 wat 
is voor 
mij
 de 
moeite
waard,
 waar
bloei 
ik
 van
 op,
 wat
 daagt me 
uit
 en
 waar wil ik voor gaan?

 

 

 

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s